S03E13 Cuba

Gepubliceerd door mark op

Gelukkig gaat de tweede deel van de zeilreis een stuk beter, we nemen nog 1 pil voor de zekerheid en we slapen zelfs in onze eigen vooronder. We varen de nacht door en komen door de harde meewind voor op schema aan. Het is nog donker als de kapitein ons roept rond de klok van 6.00 uur. Wie wil zien hoe we de haven binnenvaren moet nu opstaan en aan dek komen roept hij. Het wordt langzaam licht en we zien op de hoek van de haven van Santiago de Cuba een groot kasteel. Gelukkig zijn we welkom en wordt er niet op ons geschoten. Met ons slaperige hoofd nemen we een selfie met ons en de kade. De zon komt op en schijnt mooi rood over het water en het havengebouw. Na een klein uur komt de immigratie aan boord en worden de documenten weer ingevuld. Wij vullen de documenten in voor het aanschaffen van het visum. Vlak voordat we 1 voor 1 de stempel in het paspoort kunnen halen, krijgen we een Cuba Libre. We drinken deze gezellig met de groep op en gaan dan in de rij staan bij de douane. Men zegt, of dat nog zo is weten wij niet, dat als je een stempel van Cuba in je paspoort hebt staan je niet zo gemakkelijk Amerika meer inkomt. Maar ja, bij ons duurt dat nog ruim een jaar. De kapitein had ons de vorige dag al bij elkaar geroepen om te vertellen dat de boot absoluut drugsvrij moest zijn. Als de douane ook maar een spoortje wiet of iets dergelijks aantreft, zelfs in de stofzuiger, dan gaat het schip binnenste buiten en dan duurt het heel lang voordat we het eiland op kunnen. Waarschijnlijk doordat er met ons tegelijk ook een cruiseschip voor anker gaat in de haven komt het van een controle helemaal niet. Heel apart, maar waar. Dat scheelt weer tijd. Ik pomp nog even lucht in de banden en dan ploft die van Majlits. Haar ventiel was al slecht dat wisten we, dus nu moet er een nieuwe binnenband in. Doordat deze een normaal ventiel heeft (niet de smalle Franse) moet ik met boordje 8 het gat opruimen voordat het past. Gelukkig gaat dit goed en krijgen we ook die band weer goed hard opgepompt. We zeggen de medereizigers vaarwel, omdat niemand van hen door gaat zoals wij naar Mexico. We fietsen, op het grote eiland Cuba. Wat een bijzondere ervaring weer. De voorstad van Santiago de Cuba is rommelig en het is goed dat het nog licht is dat wij daar fietsen. In de avond zou ik daar niet durven komen. We worden al bij de eerste kilometer geconfronteerd met de vele portretten van of Fidel of Che Guevara. We vinden in de stad een prettige Casa Particular, slapen bij de mensen thuis. We zijn wel geholpen, hier ontkom je niet aan. Iedere toerist is hier goud waard. Wij betalen in de regel 25x meer dan de Cubaan, ga maar na dat je dan een gewild object bent voor hen. Vlak voor het vinden van de slaapplek hebben we al geld kunnen pinnen, dit zijn CUC. Om op het platteland te kunnen betalen moet je nog een keer zien te wisselen naar CUP, het lokale geld. Dan op naar het busstation, Majlits dacht dat we ook met de trein konden, maar dat werd ons afgeraden. Als we eenmaal aan de beurt zijn, meldt de loket bediende dat de bus morgen en overmorgen vol zit. Er gaan er drie op een dag en we denken te vragen of we overmorgen om 6.00 uur in de ochtend nog wel meekunnen. Hij zegt ja en print de reservering. Later blijkt dat we toch pas over drie dagen gaan, maar dan wel de vroege bus. Terug in ons huis dingen we de prijs af naar 20 CUC per nacht, ze waren namelijk met 25 voor een nacht gestart. Dit lukt, dus weer wat geld uitgespaard. De eerste dag lopen we rondjes door de stad. We moeten aan alles wennen. Waar kunnen we wat eten, waar kunnen we wat drinken en hoe komen we van die opdringerige hulp af. We komen iedere keer dezelfde mensen tegen en ook veel medereizigers van de boot. Uiteindelijk stuitten we ook op de man die ons gister hielp naar onze slaapplek en we hadden hem een koffie beloofd. Hiervoor geven we hem 1 CUC, daar konden wij even eerder in de stad nog 2 cappuccino voor kopen. Maar hij wil er 2, helaas dan heeft hij aan ons een slechte. Het blijft er bij 1. We willen met de pont naar het kasteel, maar komen niet achter de tijd waarop deze vertrekt. Uiteindelijk stappen we in een willekeurige bus en touren wat door de stad. We zien de dierentuin en bezoeken deze. Wat een zielig zooitje met die dieren in hun veel te kleine hokken. Het enige voordeel was dat je de tijgers zowat kon aaien. De volgende dag gaan we op zoek naar Casa de la Trova, het muziekhuis. We vinden deze en wonen een voorstelling bij in de middag. Het zijn vrolijke mannen die drie uur lang ritmische Cubaanse muziek spelen. Na afloop drinken we nog een biertje met de man van de trommels. In de avond eten we ijs. Je krijgt hier een bak vol ijs voor 15 cent. Iedereen op Cuba eet veel ijs, dus dit moet betaalbaar zijn! Dan is het 1 februari en gaan we om 5.00 uur richting het busstation. Altijd spannend of de fietsen mee kunnen en hoe hier op wordt gereageerd. Het gaat opvallend relaxed, we moeten alleen 5 CUC per fiets extra betalen, maar dat had ik al een beetje ingecalculeerd. Stipt 6.00 uur vertrekt de bus en we doen er bijna 16 uur over om Havana te bereiken (870 km). Onderweg stoppen we bij meerdere plaatsen om nieuwe passagiers in te laten stappen, daar kunnen wij dan even naar het toilet. Rond de middag is er een stop van 40 minuten voor de lunch. Even voor tien in de avond, in het stikke donker, stappen we uit en pakken de fietsen uit het ruim. Op de kaart hadden we een hospedaje gezien en fietsen daar op af. We komen in een super smerig verblijf terecht, maar ja er staan twee bedden en daar zijn we meer dan aan toe. De volgende ochtend fietsen we richting het oude Havana. Ik maak nog stiekem een foto van een overheidsgebouw en word hiervoor teruggefloten, toch hou ik de foto op mijn toestel. De stad is mooi, heel mooi. We genieten volop en fietsen op ons gemak door alle straten van het oude centrum. In een buitenwijk eten we pizza, spotgoedkoop. We fietsen die middag over de boulevard met uitzicht op de zee en de skyline van de stad richting het westen van het eiland. We dachten die avond op een camping te staan, maar als we bij die plek aankomen worden we direct weer geholpen door een man. Hij vertelt dat hij de bewaker is en we begrijpen dat we hier niet mogen kamperen. Uiteraard weet hij wel een huis voor ons. Hij brengt ons hier naar toe en waarschijnlijk hebben ze afspraken over de beloning, want ons valt hij over geld niet lastig. We zitten die middag nog even op het strand en ik neem de eerste duik in het mooie blauwe water. We proosten op de eerste geslaagde fietsdag met een Bavaria. Merkwaardig genoeg is er niet veel te krijgen op Cuba, maar wel bier uit Nederland. De volgende dag komen we meer westelijk en begint het flink te heuvelen. Het landschap is groen en de meest mooie palmbomen staan pal langs de kant van de weg. Oppassen dus voor vallende kokosnoten 😉 Tussen de middag eten we weer pizza. Pizza, bier en ijs zijn het makkelijkst te vinden. De rest van de spullen heel moeilijk, zelfs in de stad zagen we rijen staan voor de supermarkt. Waarschijnlijk hadden ze op dat moment wat andere producten voorradig in plaats van bijvoorbeeld een heel schap met alleen maar afwasmiddel. De zon is fel en af en toe vraag je je af of je je zonnebril wel op hebt. We fietsen geregeld van die blokken flats voorbij, net als in Rusland, typisch communistische bouw. De wegen zijn geregeld voor ons alleen. Als er dan een auto komt, is het of een vrachtauto in de vorm van een bus of een Chevrolet in de meest mooie kleur. Als we bijna in de plaats Bahia Honda zijn, roept een vrouw: foto, foto! We denken ze wil een foto van ons, maar het is de bedoeling dat we een foto van hen maken. Samen met haar dochter, die vandaag jarig de 3e februari jarig is, maken we een mooi plaatje. Deze wil ze graag opgestuurd krijgen, ik vraag naar haar email, maar die heeft ze niet. We krijgen het adres en vertellen dat het wel even kan duren, maar we sturen het op! In de plaats worden we direct weer geholpen. Je moet dit maar laten gebeuren, want ze zijn zeer vasthoudend. We zitten weer in een mooi huis met een lieve oudere dame, deze gaat vanavond voor ons koken en we hebben ook nog het ontbijt erbij afgesproken. Om 7.00 uur hebben we een heerlijk ontbijt en nog voor 8.00 uur zitten we op de fiets, groot voordeel is dat het dan nog enigszins koel is. De zon komt al snel boven de horizon uit en dan schijnt deze super fel. Gister is Majlits haar hoofd al rood gekleurd, dus vandaag fietst zij met een hoedje op. Het wordt steeds mooier op het traject, de vele palmbomen, de bergen in de achtergrond en de zon die rood opkomt maken ons uitzicht adembenemend. De aarde kleurt hier gravelrood. De weg is niet om over naar huis te schrijven, maar ja er moet iets niet meezitten haha. We passeren eerst rijstplantages en later rijden we midden door de tabaksplantages. We spreken kort een boertje en die legt uit dat de bladeren tot wel 2 maanden op de stok dienen te drogen voordat ze verder verwerkt kunnen worden tot sigaren. Verder op de route worden de bergen hoger en steiler, het oogt een beetje alsof we in zuid-oost Azië zijn. We verblijven die avond in een lief huis met hele lieve mensen. De vrouw des huizes is blij met ons en maakt een onvergetelijk diner en ontbijt. We nemen haar visitekaartje mee en ze vraagt ons om reclame te maken. Wanneer we weer terug zijn op Cuba moeten we wel weer bij haar langskomen. Op 5 februari fietsen we richting het mooie en toeristische Viñales, wat we daar gaan meemaken lezen jullie de volgende keer.

Categorieën: Verslag

0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.