S03E15 Rood licht

Gepubliceerd door mark op

Hoe verder we bij de toeristische plaatsen vandaan fietsen, hoe lastiger het wordt om een casa te vinden, waar je als toerist op Cuba in mag slapen. Vaak weet de taxi chauffeur nog wel een adresje. Deze keer komen we in een neukhotelletje terecht. Overal spiegels aan de wand, zodat je goed kan zien wat je aan het doen bent. De condooms zijn inclusief. We bedingen zelfs nog een ontbijt erbij en dat wordt met liefde de volgende ochtend voor ons bereid. Het deel van Cuba ten zuiden van Havana is een groot landbouwgebied met rood gekleurde aarde. Overal zie je glashelder water worden opgepompt uit bronnen om het land te irrigeren. We komen zo ver van de bewoonde wereld op de meest slechte wegen terecht, daarnaast is wind de hele dag vol tegen. Deze waait in de regel vanuit het oosten en die kant gaan wij de rest van de reis richting Cienfuegos op. Op Cuba zien we volop spoor, maar een trein zien we nooit. We zien alleen bij de verwerking van het vele suikerriet een aantal treinwagons. Op het platteland waan je je echt terug in de tijd. Veel paard en wagens en heel veel vaak fel gekleurde oude Amerikaanse auto’s. Maar heel af en toe zie je een modern voertuig rijden. Voor de grap help ik nog een gestrande auto, die al klaar staat met een touw eraan voor een sleep. Die verzorg ik, helaas kom ik geen centimeter vooruit, maar de eigenaar lacht vriendelijk naar mij. Het wordt echt steeds lastiger om een casa te vinden en op 11 februari blijven we maar doorgestuurd worden naar het volgende dorp in de hoop om daar een slaapplaats te vinden. Uiteindelijk fietsen we 86 kilometer en komen in een heel gezellig huis terecht waar we in een soort bezemkast kunnen slapen. Wij vinden dat helemaal niet erg en de prijs is ook nog eens goed betaalbaar. We gaan die avond uit eten, want koken gaat hier niet – de kok schijnt ziek te zijn. Ze sturen ons naar een restaurant waar we werkelijk onze vingers aflikken bij de gerechten die we bestellen. Nu ik het toch over het eten heb, dat is een groot pluspunt van Cuba. Waar je ook komt het eten wat wordt gemaakt is werkelijk goddelijk. We kruisen zo nu en dan de snelweg, het leuke daaraan is dat je die bijna blind kan oversteken omdat er zo weinig verkeer rijdt. In het dorpje Australia komen we langs een werkplaats voor treinen en deze staan er daadwerkelijk. We krijgen een rondleiding en de enthousiaste oud-machinist neemt een paar foto’s van ons. Hij vertelt dat er gister nog is gereden met toeristen in de wagens richting de rietsuikervelden. Je ziet de stoom nog uit de trein komen. Verder richting het zuiden fietsen we met nog net droge banden door de zogenaamde swamp vol met krokodillen. We bezoeken een centrum waar ze krokodillen grootbrengen om op 6 jarige leeftijd uit te zetten in het gebied. Er zijn gemiddeld zo’n 4.500 beesten in het centrum. De beesten zijn zeer actief en kruipen bij het hek omhoog, goed uitkijken voor je vingers. We komen einde van die dag aan in Playa Larga, een gezellige kustplaats. Hier gaan we een dag rusten, want we zijn al 11 dagen non stop op de weg. We vinden een mooi onderkomen met uitzicht op zee. Na de rustdag blijven we pal langs de kustlijn fietsen en vinden nog een casa in niemandsland in het dorpje Guasasa. Vanuit dit huis kijk je zo de zee op met helder blauw water. We weten van deze route omdat we die dag ervoor twee Canadezen tegen kwamen vanuit de andere richting. Ze vertellen ons dat het een prachtige fietsroute is langs het water, zonder verkeer. De weg op de kaart is dan ook gestippeld en we twijfelden nog om deze te nemen. Gelukkig doen we dit nu wel en de uitzichten zijn adembenemend. Op 15 februari komen we aan bij de havenmond van Cienfuegos waar het plaatsje Castillo-CEN ligt en hopen nog even om de boot te zien passeren. Deze komt namelijk op deze datum ook weer aan in de haven. Helaas zien we de boot niet, maar we verblijven weer in een prachtig huis met de hele dag door lekker eten. In de avond ontmoeten we de vader van de vrouw des huizes, hij was kapitein en trok geregeld op met Fidel Castro vertelt hij ons trots. De volgende morgen zal hij foto’s komen laten zien en dat doet hij dan ook. Even voor 10.00 uur gaan we naar de oever waar de veerboot ons zal oppikken. We moeten zelf onze fietsen op het dak van de boot zien te krijgen, hulp is er niet bij. Het lukt en we varen bijna 10 kilometer naar de haven van Cienfuegos. Onderweg passeren we de Stahlratte, goed nieuws dus ze liggen al in de haven. In de stad maken we eerst een rondje op onze fietsen. We willen voor de volgende dag een scooter huren om naar Trinidad te gaan, maar helaas is de verhuur op die zaterdag al om 12.00 uur gesloten. Dan maar naar de boot, hier volgt een warm welkom met de kapitein en de crew. We zetten de fietsen in de berging van de boot en drinken gezellig een biertje. Met de taxi gaan we die namiddag de stad weer in naar een casa waar we slapen. We hadden de eigenaar ontmoet bij het busstation, doordat er geen propper tussen zit kan het 5 CUC goedkoper en komen we uit op 15. In plaats van de bus regelt het huis voor een collectieve taxi naar Trinidad. Super luxe gaan we die kant op en zijn precies op tijd om familie te zien die de 17e februari ook daar in een hotel verblijven, hoe dit afloopt lees je de volgende keer.

Categorieën: Verslag

0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.